Ali
15 jan 2012 1 reactie
Via de Vreemdelingendienst was hij binnen gekomen. Een goede vijftiger, wat gezet en luisterend naar de naam Ali. Volgens zijn vreemdelingendocument geboren in Irak, maar de agent die hem begeleidde had het vermoeden, dat daar niets van klopte.
Ali zat rustig in het kleine kantoor te wachten. De jonge hulpverlener begon aan de intake, begon uit te leggen hoe alles werkte. Waarom hij dat deed, begreep hij zelf ook niet. Het was immers een verblijf voor één nacht.
Ali zat stoïcijns voor zich uit te staren. Toen de hulpverlener dingen begon te vragen, antwoordde Ali met maar één zin: “Nie begrijp Nederlands”. Zeker de eerste zin die geleerd wordt als je naar Nederland komt.
Na vijf vragen hield de hulpverlener het voor gezien. Geen tijd aan verspillen, bed laten zien en doorgaan met de dagelijkse bezigheden. Klinkt hard, maar moeilijk doen was nu echt het laatste waar hij aan dacht. Dus liet hij Ali achter in de slaapzaal met lakens en sloop.
Nog geen uur later stond de hulpverlener weer in de slaapzaal, verbaasd luisterend naar Ali. In prachtige volzinnen vertelde hij aan zijn buurman, hoe gemakkelijk het was om een asielzoekerscentrum uit te komen. Ali vertelde in geuren en kleuren, dat hij al bijna vijf jaar in Nederland was, zich af en toe liet op pakken, en dan had hij weer even een slaapplaats. Om weer op tijd te vertrekken, voordat ze door hadden wie hij was.
De hulpverlener kuchte zachtjes, Ali tuimelde bijna van bed af van schrik. Meteen wilde Ali in een brabbeltaaltje tegen de jonge man beginnen, maar deze reageerde niet.
Wat er toen uit Ali’s mond kwam, is niet voor herhaling vatbaar. En voor Ali er erg in had, stond hij al weer buiten. De hulpverlener keek hem meewarig aan.
“Ik begreep dat je op tijd wilde vertrekken, ik zou dat dus maar doen…”, zei hij langzaam en liet de deur in het slot vallen.
jan 15, 2012 @ 14:40:29
Waar haal je het toch allemaal vandaan?????????